Daan Brühl

Introductie

Volkskrant

VIVA

Roeien

SamenRAAPsel

Het enigma Dirk Uittenbogaard

Denken in kleine stapjes

VK interview Dirk Uittenbogaard

NLroei Herdenking Daan 2020

Denken in kleine stapjes




NLroei
Denken in kleine stapjes

donderdag 23 april 2015

 

Ze was misschien wel de grootste verrassing van de nationale kampioenschappen. Lichtgewicht roeister Amber van Zomeren versloeg de gehele nationale selectie en zette zich meteen op de kaart als kanshebber voor de olympische dubbeltwee. Haar opkomst is opmerkelijk. Bijna vijf jaar geleden was ze getuige van de dood van haar toenmalige vriend en toproeier Daan Brühl. Ze kwam in een diep dal terecht en kwam jaren amper vooruit. Maar ze bleef doorgaan.

 

Veel tijd om na te genieten van haar nationale titel heeft de Amsterdamse niet gehad. Haar winst had uiteraard gevolgen. Wel of niet mee selecteren voor de dubbeltwee die gaat starten bij de Europese Kampioenschappen en zo ja op welk gewicht waren vragen die ze samen met haar coach Hans Lycklama en bondscoach Josy Verdonkschot moest bespreken. Maar Van Zomeren kijkt zoals ze de laatste jaren vaker heeft gedaan nuchter tegen alles aan. “Ik heb alles eerst rustig op me in laten werken. Ik heb nog nooit met die meisjes geroeid, heb hun zware schema nog niet gevolgd en ik kan ook nog niet meteen op 58 kilo zitten. Het ziet er nu naar uit dat ik met de groep die niet naar het EK gaat, in Essen start. Zowel in de skiff als in de dubbeltwee. Dat lijkt me een mooi begin.”

 

Het past bij de werkwijze die de skiffeuse de laatste jaren al veelvuldig heeft toegepast: denken in kleine stapjes. Een aantal jaar geleden was Van Zomeren er slecht aan toe. In 2009 roeide ze als veelbelovend talent in een Nereus lichte vrouwen dubbelvier de Wereldkampioenschappen onder 23 jaar in Racice. Daar eindigde ze net buiten het podium op de vierde plaats. “In dat najaar heb ik met de bondscoach afgesproken dat ik zou gaan proberen een jaar later in de skiff naar dat toernooi te gaan. Dat vond ik een mooi doel, maar ik raakte geblesseerd aan mijn rug en heb dat jaar amper in de boot gezeten.” Haar toenmalige vriend Daan Brühl was wel succesvol en verdiende een uitzending naar het U23-toernooi in het Wit-Russische Brest. Daar ging het echter mis. Een snoek van hem zorgde voor een vroegtijdige uitschakeling van zijn dubbelvier. Na een paar nachten van amper slaap en veel alcohol en een uitputtende terugreis kwam hij gebroken aan op Schiphol. Een joint samen met zijn vriendin zorgde voor een zogenaamde bad-trip en vervolgens zijn ongelukkige dood.

 

Van Zomeren was van dit alles getuige en kwam in een diep dal terecht. Roeien bleef echter haar houvast. “In het begin kon ik echt helemaal niets zo verzwakt was ik. Skiffte ik heen en weer naar De Hoop en was het wel weer klaar. Het heeft lang geduurd voordat ik weer wat langere stukken kon roeien, maar steeds was het een fijne afleiding om op het water te zijn.” Wedstrijden starten was nog een stap te ver. Ze kwam erdoor in conflict met haar vereniging Nereus die met een botentekort kampte. “Ik moest op een gegeven moment mijn boot met vijf mensen delen en het was wel duidelijk dat ze me liever kwijt dan rijk waren. Gelukkig kon ik weer bij mijn oude vereniging Willem III terecht, waar ik ook meteen een coach kon krijgen.” Pas in 2012 werd weer voor het eerst aan een wedstrijd meegedaan. Dat ze in die tijd geregeld door het kamprechtersbootje werd ingehaald, deerde Van Zomeren niet. “Eerst stelde ik mezelf enkel als doel een wedstrijd te starten. Mede vanwege de zenuwen lukte er dan vervolgens niets, maar ik had wel mijn doelstelling bereikt.”

 

Aan stoppen dacht ze nooit. “Je wilt echt niet weten hoe vaak mensen dat wel niet aan me gevraagd hebben. Een normaal persoon zou zich dat misschien aantrekken, maar ik ben nu eenmaal erg dwars en wilde het tegendeel bewijzen. Ook al lukte dat lange tijd voor geen meter. Maar ik wilde het plan dat ik ooit had opgesteld – hard skiffen – gewoon afmaken.” Wel had ze zwakke momenten. “Dan had ik weer geen boot of geen coach en vroeg ik mezelf af hoe ik dit weer moest gaan regelen. Daar kon ik wel moedeloos van worden.” Enkel een paar mensen om haar heen bleven haar trouw steunen, haar vader voorop. “Had ik weer een wedstrijd verprutst, bleef hij maar zeggen hoe trots hij op me was.” Maar steeds vaker lukte het de roeister mee te komen in het veld. En toen dit jaar succescoach Hans Lycklama bereid werd gevonden haar te coachen, maakte ze haar tot nu toe laatste grote stap. “Het grappige is dat we af en toe met elkaar in de clinch liggen. Hij heeft nog wel eens moeite met mijn emoties. Maar ondertussen weet hij wel wat goed voor me is en geeft me geregeld een trap onder mijn kont.”

 

Maar ook nu bleef Van Zomeren kleine doelen stellen. Tot dit jaar had ze sinds haar terugval nog geen enkele keer een wedstrijd gewonnen. “Voor dit jaar had ik me voorgenomen in elk geval één keer winnend over de streep te komen. Maakte niet uit of het een voorwedstijd was. Gelukkig lukte dat al op de Skøll Cup” zegt ze nu lachend. Daar, een week eerder, versloeg ze al enkele grote concurrenten. Maar alsof Van Zomeren nog niet genoeg ellende over zich heen had gekregen, overleed aan de vooravond van het NK ook nog eens haar geliefde grootvader. Terugtrekken was geen optie. “Het was wel even lastig. Mijn hele familie was bij elkaar en ik was bezig met afvallen. Tijdens de voorwedstrijd schoot het nog wel even door mijn hoofd. Lisa (Wörner, red.) drong aan, ik werd moe en dacht ‘ik vind het niet leuk en wil naar huis’.”

 

Ook voor de finale liepen de gemoederen hoog op. “Ondanks dat ik derde werd in mijn halve finale voelde ik dat ik kon winnen. Die race liep gewoon niet goed en ik zat er dicht op. Zondagochtend kwamen er allerlei gedachtes in me op die ik de baas moest worden. Over dat ik tijdens de race zou afdwalen naar mijn opa of dat ik door alles te snel genoegen zou nemen met een tweede of derde plaats. Ik heb alles uitgebreid met mijn moeder besproken en ervoor gezorgd dat ik op elke gedachte een antwoord had. Daarnaast heb ik met mezelf afgesproken dat ik alleen met mijn taak bezig zou zijn. Voor mij was dat om het tempo in het middenstuk hoog te houden en dat is gelukt.” Tot aan de laatste 250 meter was het ongekend spannend, maar in de eindsprint, de grote kwaliteit van Van Zomeren, trok ze haar bootje weg bij de tegenstand. “Het was een enorme ontlading. Alles komt dan samen. Toen ik mijn moeder vastpakte op het erevlot stond ze helemaal te trillen.”

Een deel van een nare periode is definitief afgesloten. Op naar het volgende stapje.